Op Paaszondag stond in het Noord-Franse Mons-en-Pévèle een manche van de Franse beker voor nieuwelingen op het programma. In een bijzonder zware wedstrijd liet Senne Cami zich opmerken met een knappe derde plaats. Voor de tweedejaars nieuweling, die zich zowel op de weg als in het veld thuis voelt, is dat opnieuw een veelbelovend resultaat.
De koers brak open op zo’n 35 kilometer van de aankomst. Cami plaatste toen een stevige versnelling van ruim 2,5 kilometer, pal tegen de wind in. Zijn inspanning zorgde voor een eerste serieuze schifting: van de oorspronkelijke 145 renners bleven er nog zo’n 70 over. Na zijn demarrage dunde het peloton verder uit tot een kopgroep van 19 renners.
Wat volgde was een aaneenschakeling van aanvallen. Cami toonde zich bijzonder alert en pareerde samen met onder meer Raf Bastiaensen elke uitval. Daardoor werden de achtervolgende groepen al snel op aanzienlijke achterstand gereden.
Op een kasseistrook zat Cami goed gepositioneerd in achtste positie, maar toch konden twee renners ontsnappen. Omdat een reactie uitbleef, bouwden zij snel een voorsprong uit van 45 à 50 seconden.
Met nog 26 kilometer te gaan besloot Cami opnieuw het initiatief te nemen. Hij reed in zijn eentje naar voren, met de Franse kampioen in zijn wiel. Die moest echter al snel lossen. Even later kreeg Cami het gezelschap van de Nederlander Abe Bol. Het duo werkte goed samen en slaagde erin het verschil met de leiders te verkleinen tot ongeveer 20 seconden, maar dichterbij kwamen ze niet meer.
De strijd om de derde plaats werd uiteindelijk beslecht in een sprint met twee. Cami moest die van ver inzetten, omdat Bol niet meer wilde overnemen. Wat volgde was een spannende sprint, waarbij beide renners elkaar nog meerdere keren voorbijgingen. Uiteindelijk trok Cami aan het langste eind en pakte hij met een wiel voorsprong de derde plaats.
Na afloop overheerste vooral trots. In een slopende wedstrijd, op een lastig parcours en tegen sterke tegenstand, bewees Senne Cami opnieuw zijn klasse.

